Zomertalingen

Donderdag 19 maart 2025
Vanaf badminton fiets ik door Bloemendaal en daar staan duizenden bosanemonen.

Toch nog even kijken bij de Oosterplas, nog geen ransuil. Het is heerlijk weer en ik fiets door naar het Vogelmeer. Voordat ik daar ben zie ik dat de Schotse Hooglanders hooi krijgen, waarschijnlijk worden ze gecontroleerd door Ekögrun.

Zo mooi kunnen slobeenden zijn.

Maar de kleuren van de kievit zijn niet te overtreffen.

Deze komt bijna bij mijn schoenen lopen, zo dichtbij.

Verrassing dat er zomertalingen zitten, een vrouwtje en twee mannetjes, dat tref ik dan weer.

Ik denk dat de Schotse hooglander net gezenderd is, zo kunnen ze weten waar ze zich ophouden in de duinen.

Haas

Dinsdag 11 maart 2025
Ik ga toch nog eens kijken bij de Oosterplas of er nog ransuilen zitten. Ik loop daar een tijd te kijken en dan zie ik een haas mijn richting uit komen, hij knabbelt hier en daar en gaat rustig zijn gang, zo leuk.

Er zwemmen daar wat kuifeenden.

Het plaatje van de Oosterplas.

Wilgenkatjes

Maandag 17 maart 2025
Omdat er nog heel weinig te zien is bij het Kennemermeer neem ik de deelnemers mee naar de nieuwe duinen ten zuiden van het Kennemermeer. We lopen een stukje over het strand en komen daar bij de duinen, maar blijven wel op het strand omdat het te zwaar is voor sommige deelnemers om de duinen op en af te gaan.

Terug op het fietspad zien we een wilg, vol met katjes en er zit ook nog een kleine vos op. Ik denk dat deze wilg meer in de zon staat, want de andere wilgen zijn nog niet zo ver.

Op een paaltje zit gedraaid knikmos. De mosjes zijn gedraaid en de kapseltjes bijna doorzichtig.

Marja laat de mannelijke katjes zien.

En daarna de vrouwelijke.

De deelnemers waren heel enthousiast over deze morgen, we hadden ook heerlijk weer.

Klein hoefblad

Zaterdag 15 februari 2025
Bij het voorstukje van de pier zit een man eider. Gelukkig, want er zijn verder weinig vogels.

Daarom ga ik door naar het Kennemermeer, waar klein hoefblad bloeit. De meeldraadjes zijn geel en de binnenbloemetjes zijn nog dicht.

Ik loop een stuk richting het zuiden en zie zowaar een vos die rustig doorloopt nadat hij even gekeken had of ik wel te vertrouwen ben.

Voorjaarsboomspanner

Vrijdag 7 maart 2025
Op het parkeerhok bij het Kennemermeer zit een voorjaarsboomspanner.

Gelukkig ontdek ik alweer het eerste kevertjes: Dorytomus taeniatus.

Zo zacht als de wilgenkatjes zijn, dat zie je gewoon.

Aan de Heerenduinweg tel ik maar liefst 52 rozetten van de bokkenorchis. Hier en daar is wel aan de bladen gevreten, ik hoop dat de bloemen met rust gelaten worden. Dat zal wel niet, want die vinden de herten het lekkerst.

Hortus Leiden

Woensdag 5 maart 2025
Met Sieneke afgesproken om naar de Hortus te gaan. Ze komt er zo vaak dat ze een prachtige rondleiding geeft. We beginnen met een ‘normale’ vetplant.

De spiraalzaadjes? van de composiet Caputi medley woodii vind ik al bijzonder.

Oke, dit zijn cactussen.

Maar dan heb je ook spiraalcactussen.

Een tros bloempjes van een cactus.

Ik weet de namen niet van al die plantjes, dat maakt niet uit, het maakt me niet prikkelbaar, hihi.

Bij deze absurde plant heb ik wel een kaartje gezien: Euphorbia leuconeura.

Ook heel bijzonder zijn de zonnedauwplantjes.

Leuke bloemetjes, nog in de kas.

Dan komen we buiten zoiets tegen.

Zaden met stekels.

De bloemen van de papierstruik. De bloemen worden gepikt door de halsbandparkieten vertelt Sieneke.

De staartaar herken ik, die staat ook bij de NME in Haarlem.

O, wat mooi, die besjes van de maretak.

Bij de Sterrenwacht gaan we even naar binnen waar dit kunstwerk staat.

De bladeren komen van de benedenverdieping en komen tot het dak, echt gigantisch.

In de bloem van de bromelia begint nog een bloem.

Wat schattig die bloemetjes die uit het blad vandaan komen.

De bladeren van de Malpighiales Euphorbiaceae bestaan ook weer uit 2 delen.

Prachtig die druppels op deze plant.

Even geroken aan de tandpastaplant (ja klopt tandpastageur).

Ik kijk mijn ogen uit naar al die groeiwijzen en kleuren.

Dit is wel de vreemdste ‘bloem’ die ik gezien heb.

Deze is bijzonder van vorm en van kleur.

Een oranje bloem met een extraatje er onder.

Deze cactus is toch wel weer bizar.

We hebben genoten van deze prachtige dag.

Jonge nijlgansjes

Dinsdag 4 maart 2025
Vandaag zie ik vanaf badminton jonge nijlgansjes.

Het is ook heerlijk weer voor ze.

Ik fiets langs de ruïne van Brederode waar een paar stelletjes grote Canadese ganzen zitten. Bovenop het bouwwerk roepen ze naar elkaar.

De ruïne dateert uit de 13e eeuw.

Een torenvalkje landt net op een hoekje.

Een feest van krokusjes in Schoonenberg.

Op de hoek van de Van Houtenlaan wil ik een gaai fotograferen, maar die zit net in de schaduw, als ik opzij stap pakt hij een bolletje van de grond en vliegt weg. Dan kan ik mooi de aardhommels bekijken die van de krokusjes snoepen.

Weinig te beleven

Zaterdag 1 maart 2025
Ik loop bij het Kennemermeer, alleen is er niets te zien. Er was nog een ringsnaveleend gemeld een half uur daarvoor, maar die is zeker ondergedoken. Ik ga nog even kijken tussen het riet en daar glimmen me de kevertjes me tegemoet.

Ik hoop dat het water zakt voor de volgende excursie, want alle paden staan ook onder water.

Bij het strandje staan een paar plantjes van het kleine hoefblad te bloeien, pff, toch nog wat.

Vogelsucces

Woensdag 19 februari 2025
Het is nog net onder het vriespunt, maar de zon schijnt. Ik ga naar de duinen ten zuiden van het Kennemermeer, daar ben ik al een tijd niet meer geweest. Als je bij de slufter staat is het net een enorme zandvlakte.

Dit zijn nog echte zandduinen.

Ze veranderen ook elke keer met de wind uit alle richtingen.

Hier zijn de duinen ook veel jonger dan die aan de linker kant van de plas, die zijn al helemaal overwoekerd door duindoorn. De nieuwe duinen zijn gevormd doordat het strand al breder werd door de verlenging van de pier.

Zo mooi, al die structuren in het zand.

Blaartrekkende boterbloem is wel het laatste wat ik hier in het zand verwacht.

Eerst zie ik een paar drieteenstrandlopers, maar dan ook 2 sneeuwgorzen, dus hier zitten ze!

Er is een heel meertje ontstaan door kwelwater.

Daardoor zitten er duizenden belletjes in.

Ik vind nog een stuk oud hout met paalwormen er in, de eerste keer dat ik paalwormen zie.

Dit grote stuk water is door Natuurmonumenten gemaakt. Er stond altijd al water, maar er zijn heel veel duindoorns weggehaald en het water is veel groter geworden.

Ik fiets door richting de pier en kom langs de jachthaven. Wat tref ik het dat daar nou net een kleine zilverreiger rond stapt. Ze zijn niet veel groter dan zilvermeeuwen.

Zo leuk die gele gympen.

Langs de haven valt het me op hoe extreem laag water het is.

Bij de eerste bocht bij de pier heb ik nog nooit hier het zand gezien, altijd golfde het water tot over de stenen.

Als we strandwacht lopen is het altijd zo moeilijk om de vloedlijn te zien en nu is het gewoon overduidelijk.

Ach die vogelpootjes in de sneeuw (ijs).

Een klein vogeltje zit achter een ander klein vogeltje aan en ze landen allebei op het zand, wel verder uit elkaar. De jager is een oeverpieper en het andere kleintje is de bontbekplevier.

Kleintje op de grote vlakte, hihi.

Nou ja, zelfs nog een geoorde fuut bij de pier, sommige dagen zit alles mee.

De krakeenden zitten even dicht bij de stenen, maar gaan weer verderop zodra ik afstap.

Terug langs de haven staat de kleine zilverreiger nog dichterbij.

Wat een dolk van een snavel, pfoe.

Boomkruiper

Maandag 17 februari 2025
Eigenlijk is er vandaag weer de KNNV-excursie, maar omdat er volgende week helemaal geen badminton is ga ik liever vandaag badmintonnen en dat is een goed plan, want heerlijk gespeeld. Op de terugweg ga ik gelijk door Schoonenberg en hoor heel wat halsbandparkieten.

En ze zitten achter elkaar aan.

Een boomkruipertje kruipt langs de stam omhoog en pikt daar het een en ander weg.

Elk jaar een heel veld met winterakonieten hier.

Krokussen
Zaterdag 8 februari 2025
Sinds de spoorlijn jaren terug is veranderd in wandelpad ben ik niet meer ten oosten van station oost geweest. Vandaag maar eens het pad bewandeld. Aan een eik zitten een paar colanootgallen.

Langs de Lelylaan terug, daar staan krokussen met vrolijke kleurtjes.

De theeroos staat hier al jaren in een tuin, het is een hele vroeg bloeier.

En de gele kornoelje bloeit ook.

Zandtulpjes

Maandag 18 november 2024
Bij de maandagexcursie van de KNNV willen we van de gele composieten natuurlijk wel weten of we de juiste naam er aan kunnen geven. Dit is echt bitterkruid en het lijkt wel een lampje.

We komen een plant tegen met vrij grote bladeren. Iemand zegt dat het knopherik is, want met een app bij de hand is de naam zo bekend.

We kijken nog even op de pier of er nog vogels zijn. Geen bijzondere in ieder geval, de golven zijn wel aardig hoog.

Voordat we gaan koffie drinken laat iemand nog de strandtulpjes zien die ze ontdekt had bij de bushalte.

Bloem zaagcactus

Woensdag 13 november 2024
Wow, de koningin van de nacht bloeit, ik dacht dat die alleen 1 nacht zou bloeien. Nu staat hij er fraai bij.

’s Middags fiets ik een rondje Velserbeek en Beeckestijn. In Velserbeek op het paddenstoelenplekje een grote plek van roze raspzwam spec.

Een heleboel franjekelkjes.

Een beukenblad met kalkschaaltjes.

In Beeckestijn loop ik een stukje naar een holle boom, waar ook het een en ander op staat.

Dit vind ik wel apart zo die elfenbankjes verspreid over de liggende boom.

Teervlekkenzwam

Maandag 4 november 2024
Met een hele grote groep KNNV-ers ga ik mee op excursie in Elswout. Ik weet dat daar Napolitaanse cyclamen staan en zie ze al terwijl de groep al doorgelopen is.

De groep loopt naar de plek waar er veel meer staan.

Zo bijzonder dat de tengere rus zelf die vochtige balletjes maakt.

Weer kijken we naar paddenstoelen, zoals het rechte koraalzwammetje.

Formidabel die plooivlieswaaiertjes.

Viltig judasoor.

Nog kleine reuzenzwammen.

Gutatiedruppeltjes onder de valse teervlekkenzwam lijken wel gouden pareltjes. Die zitten aan de ‘voorkant’ van de boom. Dan laat Marij foto’s op haar telefoon zien van de teervlekkenzwam aan de achterkant, dat is echt prachtig.

Dus ik naar de achterkant, daar tussen de oude wortels zitten er veel meer.

En wat is dat een wonder van de natuur.

We moeten weer door, want er wacht nog meer moois op ons, zoals de echte tonderzwam, ook met pareltjes.

We komen ogen te kort, want ook boven ons valt er wat moois te zien.

Porseleinzwammen, net zo goed prachtig.

Het lijkt wel voorjaar met al dat groen.

Paddenstoeltje dat hazenpootje heet en dat is te zien aan het donzige beginnetje links er van.

Niet zo’n mooie zwam, wel leuk om die tegen te komen, de zwarte kluifzwam.

Triootje parelstuifzwam.

Dit is dus de giftige stinkparasolzwam.

Zo heb ik de oranje aderzwam niet eerder gezien.

Oranjerode stropharia.

Een hele grote verzameling van de bruine trilzwam.

En dan heb ik nog niet eens alles gehad, dus een hele leuke leerzame excursie.
Het was me zo goed bevallen die worteltaart bij Kraantje Lek op zaterdag dat ik daar nog eens van profiteer. Achter Kraantje Lek ga ik de duinen in en kom weer langs het tunneltje met de schilderingen van Joost Zwanenburg en hij is ondertussen weer verder gegaan.


Slanke kleine zwaardschede

Maandag 21 oktober 2024
Direct bij het begin van de excursie kan ik het verschil tussen een gewone en een grote aalscholver aantonen door de hoek bij het begin van de snavel. Links de gewone, rechts de grote.

Dit keer gaan we langs de westkant van de plas. We hopen zandtulpjes te zien, maar we zien een plooirokje.

Een katwilg heeft hele lange smalle bladeren.

’s Middags heb ik ook nog strandwacht, waarbij ik wel een bijzonder kleurpatroon zie op een Amerikaanse zwaardschede.

Eindelijk een foto van een drieteentje met schelpjes om zich heen.

Er is heel wat aangespoeld en dit keer niet eens zoveel Amerikaanse zwaardschedes. Ongeveer in het midden een venusschelp, wat zeeboontjes en veel ovale strandschelpjes.

Een duidelijke Noorse hartschelp.

Bij de gigantisch grote zeepaddenstoel heeft Selma even haar hand naast gelegd ter vergelijking.

Hoera, de eerste keer dat ik een andere zwaardschede vind dan de Amerikaanse. Het is de slanke kleine zwaardschede en ik vind er zelfs twee. Misschien omdat ze nu wat meer opvallen omdat er weinig Amerikaanse liggen.

Rups slakrups

Zaterdag 12 oktober 2024
Met de KNNV ga ik mee op zoek naar gallen bij het Visserspad. Dik weet al vrij snel een eikje te staan waar hij gallen op weet te zitten. Maar wat een ontdekking: hij ziet een rups van een slakrups, wat geweldig. Altijd al eens willen zien en er zitten er zelfs twee!

Gallen van de beukenhaargalmuggen op het blad van de beuk.

In een eerder stadium zien ze er zo uit. Het is niet de onderkant van het blad, want dat ziet er uit als kleine verdikkingen op het blad.

Een witte kluifzwam waar nog niet aan gekloven is.

Op een armtierig struikje van de zomereik zitten twee rupsen van het kroonvogeltje.

Andere kleuren dan bij de rupsen bij het Kennemermeer, dit is na meerdere vervellingen. Ze zijn ook groter.

Satijnknoopgallen van de knoopjesgalwesp. Hiervan zijn 2 generaties. In het voorjaar hebben de gallen mannetjes en vrouwtjes en bij deze satijnen gallen zijn het alleen vrouwtjes.

We komen bij een stukje met veel mossen. Onder andere zomersneeuw, ook een Cladonia-soort.

Nog niet zeker of dit het gevorkte heidestaartje is, maar deze herken ik wel gelijk als een Cladonia-soort.

Net als het vals rendiermos.

Nu ik toch op het Visserspad ben fiets ik langs Zandvoort terug door de duinen. De andere kant van het tunneltje is nu ook beschilderd door Joost Zwanenburg. Prachtig gedaan.

Als ik het Vogelmeer voorbij ben zie ik een kudde koniks links van het pad. Twee koniks hebben even rust nodig.

Jongeman slobeend

Vrijdag 11 oktober 2024
Omdat Ada dinsdag vroeg waarom een paardenkastanje paardenkastanje heet heb ik gezegd dat als je een blad afbreekt dat je dan een soort hoef ziet. Daarom heb ik vandaag even het bewijs opgehaald in Duin en Kruidberg.

Slobeenden vind ik fascinerend door die enorme snavel. Bij deze jongeman enorm zwart.

Ik vind het niet altijd even leuk al dat water, maar voor de weerspiegeling is het wel mooi. Hier bij de Ezelweg.

Frambozen

Woensdag 9 oktober 2024
In een bak water in de tuin vind ik een verdronken bladrandwants met belletjes op zijn blote lijfje.

Voor paddenstoelen ga ik naar het Burgemeester-Rijkenspark. Er hangen heerlijk uitziende frambozen.

Er naast nog een tak met bloemetjes van de framboos, met een vliegende speld die in de bloem is gedoken.

Er zit een gal op de knop van een hazelaar. Het kan van een springende hazelaarmug zijn, maar ook van een hazelaarkatjesmijt, voor determinatie had ik het beestje er uit moeten halen, dat doe ik niet.

Aan een blad hangt een doorzichtige bel van ongeveer 1 cm. Het is een eipakket van een kokerjuffer, de bladplakker.

Er stroomt nog een echte beek door het park, met aan de walkant tongvarens.

Toevallig kom ik nog langs het kabouterdorp, ik dacht dat het aan de andere kant van het park was.

Zwavelkopjes of zijn het zwavelstokjes met in het midden vlammetjes?

Zwavelkopjes die het hoger op zoeken.

Dromedarisluizen

Vrijdag 4 oktober 2024
De waddenorchidee op de parkeerplaats heb ik ingevoerd in waarneming. Eerst wordt er handekenskruid en later rietorchis van gemaakt. Volgend jaar toch eens kijken of waddenorchis niet klopt.

De Metellina-spin heeft een prooi goed ingepakt, misschien was het een rietcicade.

Een stam zit helemaal onder de dromedarisluizen, bijna de enige soort luis die goed te herkennen is.

Sikkelsprinkhaan

Maandag 23 september 2024
De brede wielwebspin zit op een grasje waarvan ik de naam wel zou willen weten.

Galletjes van de schietwilgwratmijt op schietwilg.

Het is dat ik niet weet of ik volgende week nog vlinders kan tellen vanwege het weer dat ik vandaag toch ga tellen. Het is 19 graden, dus de temperatuur valt nog mee en de wind ook.

De sikkelsprinkhaan zie ik al vaker hier bij het Kennemermeer. In 2004 kwamen de eerste 3 exemplaren in Noord-Holland.

Nog een zuidelijke soort: de grauwe schildwants. De eerste melding is van 2005.

De rups van de kleine beer kijkt of de andere kant van het dorre blad sappiger is.